Versieringen

Versieringen en versieringslijnen kunnen worden toegepast vanuit het Versieringen palet. Als het nog niet in het paletgebied wordt weergegeven, zie Meer paletten toevoegen. Beschikbare versieringen zijn onder andere dubbelslagen, (korte) trillers en mordenten, die hier worden besproken. Zie Andere lijnen voor beschikbare versieringslijnen, waaronder (lange) trillerlijnen, opwaartse trillers, neerwaartse trillers en trillers.

Ornaments palette

Een versiering toevoegen aan de partituur

Een versiering toevoegen

Om een ​​versiering aan de partituur toe te voegen:

  1. Selecteer een of meer noten.

  2. Klik op de gewenste versiering in het Versieringen palet.

Voor een triller is het mogelijk om in plaats daarvan bij stap 2 een aangepaste sneltoets te gebruiken.

Een versieringslijn toevoegen

Zie het hoofdstuk van de versieringslijnen in Andere lijnen.

De procedure voor het aanbrengen van sierlijnen is hetzelfde als voor elke andere lijn, d.w.z.

  1. Selecteer een beginnoot

  2. Druk op Shift en klik op een eindnoot.

  3. Klik op een versieringslijn in het Versieringen palet.

Als je de lengte van de versiering later wilt aanpassen, raadpleeg dan Het bereik van een lijn wijzigen.

Wijzig de interval voor versieringen (voortekens toevoegen)

Versieringen houden rekening met de toonsoort en andere voortekens in de maat. Standaard worden trillers, dubbelslagen, mordenten en andere versieringen weergegeven en afgespeeld in diatonische intervallen. Gebruik het Eigenschappen paneel om het interval te wijzigen, de juiste voortekens in de partituur weer te geven en het afspelen aan te passen.

Om het interval van een versiering te wijzigen:

  1. Selecteer een versiering.

  2. Open het Eigenschappen paneel.

  3. Gebruik de interval selectie om het gewenste interval te kiezen. De partituur zal de bijbehorende voortekens voor het gekozen interval weergeven.

Trillers kunnen worden aangepast qua kwaliteit (majeur, mineur, overmatig, enz.) en interval van unisono tot octaaf. De bijbehorende voortekens of hulptonen worden in de partituur boven of onder de versiering weergegeven. Voor intervallen groter dan een secunde kun je overwegen een tremolo te gebruiken.

Trill properties

Zowel het bovenste als het onderste interval kan worden ingesteld voor dubbelslagen.

Turn properties

Korte triller en mordent Intervallen kunnen worden ingesteld op de kleine of grote secunde.

Mordent properties

Alle voortekens die alleen door een versiering worden geïntroduceerd, moeten later in de maat voor de duidelijkheid worden bevestigd of geschrapt. Dit betekent dat het niet mogelijk is om voortekens te verwijderen wanneer de noot:

  • na en in dezelfde maat als een versiering met voortekens

  • als dezelfde toonhoogteklasse als een noot met een voorteken dat door de versiering wordt aangegeven (met uitzondering van de grondtoon)

In een maat die bijvoorbeeld begint met een chromatische dubbelslag op een A, zoals hieronder te zien is, zullen alle G's en B's verderop in de maat een voorteken hebben, zelfs als dit hetzelfde is als het voorteken in de versiering.

Ornament accidental behavior

Hoewel deze voortekens niet verwijderd kunnen worden, kunnen ze wel onzichtbaar gemaakt worden. Ga hiervoor als volgt te werk:

  1. Selecteer het voorteken

  2. Open het Eigenschappen paneel.

  3. Schakel Zichtbaar uit.

Versiering eigenschappen

De volgende eigenschappen van geselecteerde versieringen kunnen worden bewerkt in het Versiering gedeelte van het Eigenschappen paneel:

Zichtbaarheid voorteken

  • Standaardwaarde: toon alleen voortekens die nog niet in de maat voorkomen, of die niet in de toonsoort staan.

  • Laat wijzigingen zien: toon de voortekens opnieuw, zelfs als ze eerder in de maat zijn verschenen (en ze niet in de toonsoort voorkomen).

  • Geef voorteken altijd weer: een voorteken laten zien, ongeacht de context.

Plaatsing

Gebruik de plaatsingsopties om MuseScore Studio automatisch de standaardplaatsing te laten kiezen, of selecteer handmatig boven of onder.

Voorteken eigenschappen

Eventuele voortekens die bij versieringen verschijnen, kunnen afzonderlijk worden geselecteerd en hebben een optie voor Haaktype (Geen, rond of vierkant) beschikbaar in het Eigenschappen paneel.

Versieringsstijl

De standaardinstellingen voor grootte en afstand van versieringen kunnen worden bewerkt in Opmaak -> Stijl onder Articulaties & versieringen:

Articulations, Ornaments style

Versieringen kunnen afzonderlijk worden verplaatst door te klikken en te slepen in de partituur of via het dialoogvenster Uiterlijk in het Eigenschappen paneel.

Met de instelling Triller siernoot kun je aangeven wanneer een noot tussen haakjes moet worden weergegeven om het trillerinterval aan te geven. Standaard worden deze alleen weergegeven voor intervallen groter dan een secunde; als e ze ook wilt weergeven bij trillers van een secunde, kies je Toon voor alle intervallen.

Laatst bijgewerkt

Was dit nuttig?